Chantal | Hoe één medische crisis mijn leven veranderde
- 22 mei
- 3 minuten om te lezen
Na een lange periode van ziekenhuisopnames, operaties en revalidatie lijkt het alsof het zwaarste achter de rug is zodra je weer thuis bent. Voor mij begon daar juist een ander deel van herstel.
Ik leef al met epilepsie sinds mijn twaalfde, dus omgaan met beperkingen en medische afspraken was niet nieuw voor mij. Maar de afgelopen anderhalf jaar veranderde alles op een manier waar ik me nooit op had kunnen voorbereiden.
Door een ernstige ontsteking belandde ik op de IC met een levensbedreigende septische shock. Wat nog steeds gek voelt om hardop te zeggen, is dat ik dit überhaupt heb overleefd. Daarna volgden operaties, maanden waarin mijn wereld vooral klein en beperkt werd en uiteindelijk nog een periode van klinische revalidatie. Een lange tijd waarin overleven centraal stond en eigenlijk nog steeds staat. In totaal was ik acht maanden van huis. Tussendoor speelde epilepsie ook gewoon mee, met de afwegingen en keuzes die daarbij horen.
Wat vaak gezien wordt, zijn de grote lijnen van zo’n periode. Het ziekenhuis. De operaties. Dat je uiteindelijk weer thuis bent.
Wat mensen minder zien, is wat er daarna overblijft.
Dat herstel niet automatisch betekent dat je weer de oude wordt. Integendeel zelfs. Dat je lichaam anders voelt en je opnieuw kennis moet maken met een versie van jezelf die je nog niet kent. Dat energie niet langer vanzelfsprekend is. Zoals ik vaker zeg: er is een leven vóór sepsis en een leven ná sepsis.
Mijn wereld werd ineens veel kleiner dan ik ooit had gedacht. Dingen die vroeger vanzelfsprekend waren, kregen ineens een compleet andere betekenis. Een mes vasthouden. Staan. Zitten.
Ik hield er PTSS en PSS aan over. Iets wat aan de buitenkant niet altijd zichtbaar is, maar wel dagelijks aanwezig blijft. Ook fysiek zijn er restklachten die waarschijnlijk nooit volledig zullen verdwijnen. Misschien zit het moeilijkste niet eens in wat er gebeurd is, maar in het besef dat herstel soms niet betekent dat alles weer wordt zoals vroeger. En dat deze herinnering altijd een onderdeel van mij zal blijven.
Mijn leven vóór sepsis blijft mijn referentiekader. Tegelijkertijd leer ik steeds meer dat mijn huidige werkelijkheid om een ander perspectief vraagt, al gaat dat niet zonder slag of stoot. Het is menselijk om daarnaar terug te kijken.
Na maandenlang te hebben toegewerkt naar het moment waarop ik eindelijk weer naar huis mocht, bleek thuiskomen veel ingewikkelder dan ik had verwacht. Fysiek en mentaal. De plek die altijd als een veilige haven voelde, voelde ineens vooral als een gewoon huis. Ik was terug in mijn oude omgeving, maar voelde me nog ver verwijderd van de persoon die ik daarvoor was.
Mensen zien vaak het moment waarop je thuiskomt. Veel minder zichtbaar is wat er daarna nog dagelijks gevoeld, verwerkt en opgebouwd moet worden. Dat proces is soms eenzaam. Uiteindelijk moet je vaak je eigen cheerleader zijn.
Tegelijkertijd bracht 2025 me niet alleen moeilijke momenten. Het was ook een jaar van verbondenheid, steun en liefde. Juist in een periode waarin zoveel draaide om herstel en beperkingen, betekende het veel om ook gewoon als Chantal gezien te blijven worden.
Pas sinds februari 2026 ben ik gestart met EMDR-therapie. Daarnaast heb ik, na lang zoeken, eindelijk een fijne plek gevonden waar ik fysiek weer voorzichtig aan mezelf kan werken door middel van personal training. Niet om de oude versie van mezelf terug te krijgen, maar om opnieuw te leren wat mijn lichaam nog wél kan. Om vanuit daar te zoeken naar het maximaal haalbare en naar voorzichtige doelen. Het is niet alleen een fijne plek, maar ook een plek waar ik mij gehoord en gezien voel.
Veel van dat herstel gebeurt wanneer de buitenwereld verder beweegt.
Soms zit het zwaarste niet in één specifiek moment, maar in alles wat er daarna blijft bestaan.
Er is moed nodig.
Er is heel veel moed nodig.
Om traag te stappen,
waar je liever zou rennen.
Om nauwelijks aan te raken
wat je liever zou grijpen.
Om te wachten tot morgen
wat je nu zou willen.
Er is zelfs moed nodig, heel veel moed, om dat te willen zien.



Opmerkingen